Onderste extremiteit
Heupzenuw / Ischiaszenuw (Nervus ischiadicus)
Nervus ischiadicus
- Origo
- Grootste en dikste zenuw van het menselijk lichaam, ontspringt uit de plexus sacralis (L4, L5, S1, S2, S3)
- Insertie
- Verlaat het bekken via het foramen infrapiriforme, daalt af tussen trochanter major en tuber ischiadicum over de achterzijde van het bovenbeen en splitst ca. 5–10 cm boven de knieholte in de nervus tibialis en nervus fibularis communis
- Functie
- Motorisch: alle hamstrings (m. semitendinosus, m. semimembranosus, m. biceps femoris) en het ischiocondylaire deel van de m. adductor magnus; bestuurt via zijn eindtakken alle spieren van het onderbeen en de voet; Sensibel: gehele onderbeen en voet (behalve het mediale huidgebied van de n. saphenus)
- Innervatie
- Grootste gemengde zenuwstam van het lichaam
- Beweging & keten
- Staat onder maximale rek bij gelijktijdige heupflexie en knie-extensie (Straight Leg Raise / proef van Lasègue)
- Palpatie
- Diep palpabel halverwege de lijn tussen het tuber ischiadicum en de trochanter major (onderrand m. gluteus maximus)
- Klinisch
- Ischias (lumbosacrale radiculopathie bij HNP L5/S1), Piriformissyndroom (beknelling onder of door de m. piriformis), iatrogeen letsel bij verkeerd geplaatste intramusculaire bilgluteale injecties, heupprotheses of posterieure heupluxaties
- Segmentale innervatie
- Spinale wortels L4, L5, S1, S2, S3
- In de zorgpraktijk
- Lasègue-test (Straight Leg Raise) en Bragard-test bij rughernia-onderzoek; veilige zone voor i.m. injecties (kwadrant van von Hochstetter ventrogluteaal ter preventie van ischiadicusletsel)
- Regio in het model
- Onderste extremiteit
Verwante structuren
- Scheenbeenzenuw (Nervus tibialis)
- Gemeenschappelijke kuitbeenzenuw (Nervus fibularis communis / peroneus communis)
- Knieslagader (Arteria poplitea)