Ingewanden (hart, longen, lever, maag-darmstelsel)
Lever (Hepar)
Hepar
- Origo
- Grootste interne orgaan; ligt in het rechter hypochondrium, epigastrium en reikt in het linker hypochondrium, direct onder de rechter koepel van het diafragma
- Insertie
- Via het ligamentum falciforme en ligamentum coronarium verbonden met het diafragma en de voorste buikwand; via het omentum minus met de maagcurvatura minor
- Functie
- Centraal stofwisselingsorgaan: galproductie voor vetvertering, eiwitsynthese (albumine, stollingsfactoren II, VII, IX, X), glycogenolyse/gluconeogenese, lipidenmetabolisme, ontgifting van xenobiotica en ammoniak (ureumcyclus), en opslag van vitaminen (A, D, B12) en ijzer
- Innervatie
- Plexus hepaticus (parasympathicus via n. vagus; sympathicus via plexus coeliacus Th6-Th9; capsula van Glisson sensorisch via n. phrenicus C3-C5)
- Beweging & keten
- Daalt 2-3 cm tijdens diepe inspiratie mee met het diafragma
- Palpatie
- Palpatie van de leverrand onder de rechter ribbenboog tijdens diepe inademing; percussie van de leverdemping (normale leverspan 8-12 cm in de midclaviculaire lijn)
- Klinisch
- Levercirrose (met portale hypertensie, ascites, splenomegalie, slokdarmvarices en hepatische encefalopathie), hepatocellulair carcinoom (HCC), acute virale hepatitis, steatose (leververvetting), icterus (geelzucht door gestoorde bilirubineverwerking).
- Segmentale innervatie
- Viscerotoom Th6-Th9 (kapsel van Glisson via n. phrenicus C3-C5 gerefereerd naar de rechter schouder)
- In de zorgpraktijk
- Monitoring van leverfunctiewaardes (ASAT, ALAT, AF, gamma-GT, bilirubine, albumine, PT/INR), meten van buikomvang bij ascites, toedienen van lactulose bij encefalopathie, voorbereiding leverbiopt
- Regio in het model
- Ingewanden (hart, longen, lever, maag-darmstelsel)