Rompzenuwen (intercostaal, sympathisch, n. vagus)
Achterhoorn van het ruggenmerg (Cornu posterius)
Cornu posterius medullae spinalis
- Origo
- Dorsale uitloper van de grijze stof, over de volle lengte van het merg; bevat de schakelneuronen waarop de sensorische achterwortelvezels eindigen, waaronder de substantia gelatinosa
- Insertie
- Schakelt door naar de opstijgende banen aan de tegenoverliggende zijde (tractus spinothalamicus) en naar de voorhoorn voor de reflexboog
- Functie
- Eerste centrale schakelstation voor pijn, temperatuur en grove tast; hier vindt ook de poortcontrole van pijnprikkels plaats
- Innervatie
- Somatosensibel en viscerosensibel; ontvangt de achterwortels vanuit het ganglion spinale
- Beweging & keten
- Verwerkt de binnenkomende sensorische signalen
- Palpatie
- Niet palpabel; beoordeeld via sensibiliteitsonderzoek per dermatoom (scherp-stomp, temperatuur, aanraking)
- Klinisch
- Syringomyelie onderbreekt eerst de kruisende pijn- en temperatuurvezels vlak bij de achterhoorn en geeft daardoor een dissociatieve gevoelsstoornis in capevorm over schouders en armen, met behouden tastzin. Verder herpes zoster en het achterhoornsyndroom. De substantia gelatinosa is het aangrijpingspunt van de poorttheorie waarop TENS berust.
- Segmentale innervatie
- Over de volle lengte C1-Co1
- In de zorgpraktijk
- Dermatoomkartering bij gevoelsverlies, pijnmeting en pijnbehandeling waaronder TENS, en het herkennen van een dissociatieve gevoelsstoornis
- Regio in het model
- Rompzenuwen (intercostaal, sympathisch, n. vagus)