Ingewanden (hart, longen, lever, maag-darmstelsel)
Pulmonalisklep (Valva trunci pulmonalis)
Valva trunci pulmonalis
- Origo
- Gelegen aan de oorsprong van de truncus pulmonalis uit de conus arteriosus van de rechterventrikel; bestaat uit drie halvemaanvormige klepslippen (valvulae semilunares anterior, sinistra et dextra)
- Insertie
- Vastgehecht aan de fibreuze ring van de truncus pulmonalis; sluit de uitstroomopening af tijdens de ventriculaire diastole
- Functie
- Voorkomt retrograde terugstroom van bloed uit de truncus pulmonalis naar de rechterkamer tijdens de ventriculaire diastole
- Innervatie
- Avasculair en niet direct motorisch geïnnerveerd; passieve werking gereguleerd door hemodynamische drukgradiënten
- Beweging & keten
- Opent passief tijdens de ventriculaire ejectiefase (systole) en sluit abrupt wanneer de druk in de arteria pulmonalis de ventriculaire druk overstijgt (begin diastole)
- Palpatie
- Auscultatiepunt: 2e intercostaalruimte links direct parasternaal (pulmonalisfocus)
- Klinisch
- Pulmonalisklepstenose (meestal congenitaal, bijv. Tetralogie van Fallot), pulmonalisinsufficiëntie (bij pulmonale hypertensie, Graham Steell geruis), endocarditis.
- Segmentale innervatie
- Autonome regulatie gekoppeld aan Th1-Th4
- In de zorgpraktijk
- Auscultatie van hartgeruisen (systolisch ejectiegeruis bij stenose, vroeg-diastolisch geruis bij insufficiëntie), echocardiografische gradiëntmeting, post-valvuloplastiek monitoring
- Regio in het model
- Ingewanden (hart, longen, lever, maag-darmstelsel)