Bovenste extremiteit
Trapezius, pars transversa (dwars deel)
Musculus trapezius (pars transversa)
- Origo
- Processus spinosi van Th1–Th4
- Insertie
- Acromion en de crista van de spina scapulae
- Functie
- Retraheert de scapula (schouderbladen naar elkaar toe trekken) en helpt bij de opwaartse rotatie van de cavitas glenoidalis
- Innervatie
- Nervus accessorius (N. XI) + plexus cervicalis (C3–C4)
- Beweging & keten
- Retraheert de scapula richting de wervelkolom; werkt samen met pars descendens en ascendens bij het omhoog roteren van de cavitas glenoidalis tijdens armheffing boven 90°.
- Palpatie
- Te voelen tussen de mediale rand van de spina scapulae en de bovenste thoracale processus spinosi, bij het samentrekken van de schouderbladen.
- Klinisch
- Veelvoorkomende plaats van myofasciale klachten bij een langdurig voorovergebogen (protractie-)houding.
- Segmentale innervatie
- N. accessorius (XI) motorisch; propriocepsis via de plexus cervicalis C3–C4.
- In de zorgpraktijk
- Veilige transfertechnieken zonder aan de arm te trekken (voorkomt schoudersubluxatie bij hemiplegie); inspectie van injectieplaatsen en decubituspreventie over schouderbladen.
- Regio in het model
- Bovenste extremiteit