Onderste extremiteit
Voorste scheenbeenspier
Musculus tibialis anterior
- Origo
- Laterale zijde van de tibia en het membrana interossea
- Insertie
- Mediale cuneiforme been en de basis van het eerste metatarsale
- Functie
- Dorsaalflexie en inversie van de voet
- Innervatie
- Nervus fibularis profundus (L4-L5)
- Beweging & keten
- Zorgt tijdens het lopen voor voetheffing in de zwaaifase en remt de voet excentrisch af direct na het hielcontact (voorkomt voetklap).
- Palpatie
- Goed te voelen als harde streng lateraal van de tibiarand, vlak onder de knie, bij dorsaalflexie tegen weerstand.
- Klinisch
- Zwakte (bijv. bij letsel van de n. fibularis) geeft een klapvoet (steppergang); mediaal tibiaal stresssyndroom (shin splints) kan deze spier betreffen.
- Segmentale innervatie
- N. fibularis profundus, L4-L5.
- In de zorgpraktijk
- Diabetische voetinspectie en decubituspreventie; alert zijn op drukplekken door schoeisel of bedrust en correct aanleggen van anti-trombosestousen.
- Regio in het model
- Onderste extremiteit