Corpus3D

Bovenste extremiteit

Supraspinatusspier

Musculus supraspinatus

Origo
Fossa supraspinata van de scapula
Insertie
Tuberculum majus van de humerus
Functie
Initieert abductie van de schouder (eerste ~15°) en stabiliseert het glenohumerale gewricht (rotator cuff)
Innervatie
Nervus suprascapularis (C4–C6)
Beweging & keten
Zet de abductie in (eerste ~15°) en centreert daarna de humeruskop in de cavitas glenoidalis gedurende de hele abductie. Zonder die centrering schuift de kop omhoog tegen het acromion.
Palpatie
Niet direct te palperen: de spierbuik ligt in de fossa supraspinata onder de m. trapezius. De pees is indirect te benaderen net vóór de voorrand van het acromion, met de arm in extensie en endorotatie.
Klinisch
De meest aangedane pees van de rotator cuff. Impingement en degeneratieve rupturen komen veel voor; een pijnlijke boog tussen 60° en 120° abductie is de klassieke bevinding.
Segmentale innervatie
N. suprascapularis, C4–C6, met het zwaartepunt op C5.
In de zorgpraktijk
Subacromiale bursa-injecties en de klinische impingementtesten (bv. empty-can test) richten zich op het gebied net onder het acromion, waar de pees van deze spier het meest kwetsbaar is.
Regio in het model
Bovenste extremiteit

Tests die hierop uitkomen

Aandoeningen waar dit bij langskomt