Romp (thorax, abdomen, rug)
Achterblad van de rectusschede
Vagina musculi recti abdominis, lamina posterior
- Origo
- Gevormd door de aponeurose van de m. transversus abdominis en het achterste blad van de gespleten aponeurose van de m. obliquus internus abdominis
- Insertie
- Versmelt mediaan met het achterblad van de andere zijde in de linea alba; ontbreekt caudaal van de linea arcuata, waar alle drie de aponeurosen naar het voorblad verschuiven
- Functie
- Omhult de achterzijde van de m. rectus abdominis in het bovenste deel van de buikwand
- Innervatie
- Geen eigen motorische innervatie; sensibel via de voorste huidtakken van de nervi thoracoabdominales
- Beweging & keten
- Vormt een stevige dorsale wand achter de bovenste 3/4 van de m. rectus abdominis; verdeelt de intra-abdominale druk bij verhoogde belasting.
- Palpatie
- Ligt diep achter de m. rectus abdominis boven de linea arcuata (van Douglas); niet direct te palperen vanaf de buitenzijde.
- Klinisch
- Eindigt caudaal bij de linea arcuata (halverwege navel en symfyse); daaronder ligt de rectusspier direct op de fascia transversalis. Risico op hernia van Spiegel.
- Segmentale innervatie
- Th7–Th12 (nn. intercostales)
- In de zorgpraktijk
- Wondzorg na laparotomie/thoraxdrainage en observatie van buikwandspanning; ondersteunen van de buikwand bij hoesten ter voorkoming van wonddehiscentie.
- Regio in het model
- Romp (thorax, abdomen, rug)