Bovenste extremiteit
Spier-huidzenuw (Nervus musculocutaneus)
Nervus musculocutaneus
- Origo
- Ontspringt uit de fasciculus lateralis van de plexus brachialis (C5–C7)
- Insertie
- Doorboort de m. coracobrachialis, daalt af tussen de m. biceps brachii en m. brachialis, en treedt aan de laterale zijde van de bicepspees naar buiten als de nervus cutaneus antebrachii lateralis
- Functie
- Motorisch: alle spieren van het anterieure bovenarmcompartiment (m. coracobrachialis, m. biceps brachii, m. brachialis); Sensibel: laterale voor- en achterzijde van de onderarm tot aan de pols
- Innervatie
- Gemengde zenuw voor krachtige elleboogflexie, onderarmsupinatie en laterale onderarmsensibiliteit
- Beweging & keten
- Essentieel voor elleboogbuiging (geflexeerde arm) en supinatie van de onderarm in gebogen stand (krachtig schroevendraaiergebruik)
- Palpatie
- Eindtak (n. cutaneus antebrachii lateralis) palpabel in de elleboogplooi net lateraal van de distale bicepspees
- Klinisch
- Uitval leidt tot ernstige zwakte van de elleboogflexie (vooral in supinatie) en gevoelloosheid aan de laterale onderarm; kwetsbaar bij schouderarthroscopie, Latarjet-procedure en zware trekkrachten
- Segmentale innervatie
- Spinale wortels C5, C6, C7
- In de zorgpraktijk
- Bicepspeesreflex (C5–C6) testen bij neurologisch onderzoek; bescherming tijdens anterieure schouderstabilisatie-operaties
- Regio in het model
- Bovenste extremiteit