Onderste extremiteit
Oppervlakkige kuitbeenzenuw (Nervus fibularis superficialis / peroneus superficialis)
Nervus fibularis superficialis (peroneus superficialis)
- Origo
- Tak van de n. fibularis communis in de m. fibularis longus
- Insertie
- Daalt af in het laterale onderbeencompartiment tussen de mm. fibulares, doorboort de fascia cruris in het distale derde deel van het onderbeen en vertakt zich over de voetrug in de n. cutaneus dorsalis medialis en intermedius
- Functie
- Motorisch: mm. fibularis longus en brevis (eversie / pronatie van de voet); Sensibel: anterolaterale huid van het distale onderbeen en het grootste deel van de voetrug en tenen (behalve het 1e webspace en de laterale voetrand)
- Innervatie
- Gemengde zenuw voor voeteversie en dorsale voetsensibiliteit
- Beweging & keten
- Zorgt voor eversie (pronatie) van de voet, stabiliseert de mediale voetboog tijdens belasting
- Palpatie
- Palpabel bij de uittredeplaats door de fascia cruris ca. 10–12 cm boven de malleolus lateralis; zichtbaar bij geforceerde inversie en plantairflexie
- Klinisch
- Fasciaal beknellingssyndroom van de n. fibularis superficialis (pijn en tintelingen op de voetrug bij sporters, positieve Tinel over de fascie-uittrede); kwetsbaar bij inversietraumata en enkelarthroscopie (anterolateraal portaal)
- Segmentale innervatie
- Spinale wortels L5, S1
- In de zorgpraktijk
- Preoperatieve transilluminatie/markering bij het plaatsen van anterolaterale enkelarthroscopieportalen ter voorkoming van zenuwletsel
- Regio in het model
- Onderste extremiteit