Corpus3D

Onderste extremiteit

Gewrichtskraakbeen van de knie (Femurcondylen, Tibiaplateau en Knieschijf)

Cartilagines articulares genus (Femur, Tibia, Patella)

Origo
Dik hyalien kraakbeen op de condyli femoris, de facies articulares superiores van de tibia en het dikste kraakbeen van het menselijk lichaam op de achterzijde van de patella (tot 6-7 mm dik)
Insertie
Articulerende oppervlakken van het femorotibiale en patellofemorale gewricht
Functie
Vangt enorme repetitieve stootbelastingen op (tot 7x het lichaamsgewicht bij diepe kniebuigingen en springen) met minimale wrijving
Innervatie
Avasculair en aneuraal
Beweging & keten
Rol-glijdbeweging van de femurcondylen op de tibia en verticale/kantelende translatie van de patella
Palpatie
Niet direct palpabel; crepitaties zijn voelbaar over de patella bij buigen en strekken
Klinisch
Knieartrose (gonartrose: mediaal, lateraal of patellofemoraal compartiment); chondromalacia patellae (kraakbeenverweking bij jongvolwassenen met pijn bij traplopen en langdurig zitten / 'theaterteken'); kraakbeendefecten behandeld met microfracture of autologe chondrocytentransplantatie (ACT/ACI); totale knieprothese (TKP).
Segmentale innervatie
L3–S1
In de zorgpraktijk
Knieartrose beweegprogramma's (GLA:D programma), quadricepstraining, gewichtsreductie en revalidatie na knieprotheseoperaties
Regio in het model
Onderste extremiteit