Onderste extremiteit
Darmbeenspier
Musculus iliacus
- Origo
- Fossa iliaca van het os ilium
- Insertie
- Trochanter minor van het femur (samen met de m. psoas major als m. iliopsoas)
- Functie
- Flexie van de heup
- Innervatie
- Nervus femoralis, L2–L4
- Beweging & keten
- Vormt samen met de m. psoas major de m. iliopsoas, de belangrijkste heupflexor, cruciaal bij het optillen van het been tijdens lopen en traplopen.
- Palpatie
- Palpabel in de fossa iliaca aan de binnenzijde van de crista iliaca (spina iliaca anterior superior) door rustig in de buikwand naar dorsomediaal te drukken bij lichte heupflexie.
- Klinisch
- Psoas/iliacus hematoom (bijvoorbeeld bij antistollingsbehandeling) kan leiden tot acute beknelling van de nervus femoralis (femoralis neuropathie); psoasabces.
- Segmentale innervatie
- L2–L4, gebruikt bij het testen van de bovenste lumbale myotomen.
- In de zorgpraktijk
- Wisselligging ter voorkoming van trochanter- en hieldecubitus; zorgvuldige heuprotatie-instructies bij patiënten met een totale heupprothese.
- Regio in het model
- Onderste extremiteit