Corpus3D

Onderste extremiteit

Gemeenschappelijke pees van de tweehoofdige dijbeenspier

Tendo communis musculi bicipitis femoris

Origo
Lange kop: tuber ischiadicum; korte kop: linea aspera van het femur
Insertie
Caput fibulae (fibulakopje)
Functie
Flexie van de knie en (via de lange kop) extensie en exorotatie van de heup; roteert de gebogen knie naar buiten
Innervatie
Lange kop: tibiale deel van de N. ischiadicus (L5-S2); korte kop: fibulaire deel van de N. ischiadicus (L5-S2)
Beweging & keten
Draagt de contractiekracht van beide bicepskoppen over op het caput fibulae voor knieflexie en exorotatie van het onderbeen.
Palpatie
De pees is goed te volgen aan de laterale zijde van de knieholte naar het fibulakopje, vooral bij flexie van de knie tegen weerstand.
Klinisch
Een van de meest voorkomende hamstringblessures bij sprinten treedt op ter hoogte van de myotendineuze overgang van deze spier.
Segmentale innervatie
L5–S2 (n. ischiadicus)
In de zorgpraktijk
Vormt samen met de pees van de m. semitendinosus de laterale begrenzing van de knieholte (fossa poplitea), een belangrijk oriëntatiepunt bij lichamelijk onderzoek van de knie.
Regio in het model
Onderste extremiteit