Onderste extremiteit
Gewrichtskraakbeen van enkel, voetwortel en tenen (Talus, Tibia distaal, Tarsus & Falangen)
Cartilagines articulares talocrurales, tarsi et digitorum pedis
- Origo
- Hyalien kraakbeen op de trochlea tali, distale tibia en malleolus, calcaneus, naviculare, cuboideum, cuneiformia, sesambeentjes, metatarsalia en falangen van de voet
- Insertie
- Alle articulerende gewrichtsvlakken van de enkelvork, subtalaire gewricht, middenvoet en tenen
- Functie
- Verzekert wrijvingsloos glijden en vangt de cyclische impactkrachten van miljoenen stappen per jaar op
- Innervatie
- Avasculair en aneuraal
- Beweging & keten
- Dorsaalflexie/plantairflexie in het bovenste spronggewricht; inversie/eversie in het onderste spronggewricht; teenafwikkeling
- Palpatie
- Niet direct palpabel
- Klinisch
- Osteochondraal defect (ODT / osteochondritis dissecans van de taluskoepel na inversietrauma); enkelartrose (posttraumatische artrose na enkelfracturen); subtalaire artrose; hallux rigidus (MTP-I artrose).
- Segmentale innervatie
- L4–S2
- In de zorgpraktijk
- Artroscopisch debridement/microfracture van talus OCD, orthopedische steunzolen, enkelartrodese of enkelprothese
- Regio in het model
- Onderste extremiteit