Corpus3D

Gewrichten

Onderste spronggewricht, voorste kamer (art. talocalcaneonavicularis)

De kop van de talus in een kom die deels benig is (os naviculare en calcaneus) en deels van bindweefsel: het lig. calcaneonaviculare plantare, het sprongligament, vormt de bodem. Samen met de achterste kamer, het subtalaire gewricht, draagt dit gewricht de inversie en eversie van de voet.

Gewrichtstype
Kogelgewricht met samengestelde kom, functioneel één schuine as
Latijnse naam
Articulatio talocalcaneonavicularis

Bewegingen, assen en normaalwaarden

Beweging Vlak As Normaalwaarde Eindgevoel
Inversiesamengesteldschuine as door de voetlengte20-30 graden, gemeten samen met het subtalaire gewrichtstug elastisch (band)
Eversiesamengesteldschuine as door de voetlengte10-15 graden, gemeten samen met het subtalaire gewrichtstug elastisch (band)
Close-packed positie
Volledige supinatie
Rustpositie (loose-packed)
Middenstand tussen inversie en eversie
Capsulair patroon
Supinatie van de voorvoet ten opzichte van de achtervoet sterker beperkt dan pronatie; dit deel levert het grootste aandeel van de middenvoetbeweging, zodat een beperking vroeg opvalt.
Artrokinematiek
De taluskop draait en glijdt in de kom terwijl de voorvoet meebeweegt; de as loopt schuin van dorsomediaal naar plantairlateraal. Doordat de kom deels een band is, verandert het draagvlak met de belasting: bij belasten zakt de kop iets in en spant het sprongligament aan.
Stabiliteit
Lig. calcaneonaviculare plantare, lig. talocalcaneum interosseum en de pees van de m. tibialis posterior die er als actieve steun onderdoor loopt.
Palpatie
De tuberositas van het os naviculare is het houvast: een vingerbreedte distaal van de mediale malleolus en iets plantair. Vanaf daar loopt het sprongligament naar de calcaneus, en die richel is bij een doorgezakte voetboog drukpijnlijk.
Klinisch
Insufficiëntie van het sprongligament, meestal samen met een tendinopathie van de m. tibialis posterior, geeft een verworven platvoet: de taluskop zakt mediaal door en de hiel wijkt in valgus. Te herkennen aan het too-many-toes-teken en een niet lukkende tenenstand op één been.
Bron
Speciële anatomie van het houdings- en bewegingsapparaat (HU, 2013); Reader anatomie in vivo (HU, 2020)