Romp (thorax, abdomen, rug)
Dwarse borstspier
Musculus transversus thoracis
- Origo
- Achtervlak van het corpus sterni en de processus xiphoideus
- Insertie
- Binnenvlak van de costale kraakbeenderen van de 3e t/m 6e rib
- Functie
- Trekt de costale kraakbeenderen naar beneden; ondersteunt de geforceerde expiratie
- Innervatie
- Intercostale zenuwen (T2–T6)
- Beweging & keten
- Werkt functioneel samen met de andere diepe expiratoire spieren (mm. intercostales interni, subcostales) bij geforceerd uitademen, bijvoorbeeld tijdens hoesten.
- Palpatie
- Ligt aan de binnenzijde van het sternum en de ribkraakbeenderen; niet bereikbaar voor manuele palpatie.
- Klinisch
- Trekt de ribkraakbeenderen omlaag bij actieve uitademing; beschermt de arteria thoracica interna (mammaria interna) bij mediane sternotomie.
- Segmentale innervatie
- T2–T6 (intercostale segmenten).
- In de zorgpraktijk
- Ergonomisch verplaatsen (log-roll techniek bij wervelkolomtrauma) en wisselligging; ondersteunen van een neutrale wervelkolomstand bij bedlegerige patiënten.
- Regio in het model
- Romp (thorax, abdomen, rug)