Hoofd- en halsspieren (kauw-, mimische en keelspieren)
Achterste ringkraakbeen-arytenoidspier
Musculus cricoarytenoideus posterior
- Origo
- Achtervlak (lamina) van het cricoïd (ringkraakbeen)
- Insertie
- Processus muscularis van het arytenoïdkraakbeen
- Functie
- De enige abductor van de stembanden: draait het arytenoïdkraakbeen zodat de processus vocalis lateraal beweegt en de rima glottidis opent, essentieel voor de ademhaling
- Innervatie
- Nervus laryngeus recurrens (tak van de N. vagus X)
- Beweging & keten
- Enige abductor van de stembanden; werkt antagonistisch ten opzichte van de adductoren (m. cricoarytenoideus lateralis, m. interarytenoideus) tijdens ademhaling en fonatie.
- Palpatie
- Niet palpabel; ligt aan de achterzijde van de cricoïdring in de hypofarynx.
- Klinisch
- Bilaterale uitval (bijvoorbeeld na schildklierchirurgie met beschadiging van beide nn. laryngei recurrentes) leidt tot een levensbedreigende luchtwegobstructie doordat de stembanden niet meer geabduceerd kunnen worden.
- Segmentale innervatie
- Motorisch via de nucleus ambiguus, N. vagus (X); geen spinaal segment.
- In de zorgpraktijk
- De ENIGE stemplooiadductor / stembandopener van het lichaam; tweezijdig letsel van de nervus laryngeus recurrens veroorzaakt acute levensbedreigende asfyxie (spoed-intubatie of tracheotomie).
- Regio in het model
- Hoofd- en halsspieren (kauw-, mimische en keelspieren)