Bovenste extremiteit
Pinkopponens
Musculus opponens digiti minimi
- Origo
- Hamulus ossis hamati en retinaculum flexorum
- Insertie
- Mediale rand/schacht van het vijfde metacarpale bot
- Functie
- Opponeert (flexie + rotatie) de pink richting de duim, verdiept de handpalm bij grijpbewegingen
- Innervatie
- Diepe tak van de N. ulnaris, C8–T1
- Beweging & keten
- Werkt samen met de m. flexor digiti minimi brevis en m. abductor digiti minimi als hypothenarmusculatuur bij precisiegrepen en het vormen van een kom met de hand.
- Palpatie
- Diep gelegen in de hypothenareminentie, moeilijk apart van de andere hypothenarspieren te onderscheiden bij oppervlakkige palpatie.
- Klinisch
- Bij letsel van de diepe tak van de N. ulnaris (bijvoorbeeld bij het kanaal van Guyon-syndroom) ontstaat zwakte van de oppositie van de pink, wat de grijpfunctie van de hand vermindert.
- Segmentale innervatie
- N. ulnaris, C8–T1.
- In de zorgpraktijk
- De pinkoppositietest (pink tegen weerstand naar de duim brengen) wordt gebruikt om de motorische functie van de diepe tak van de N. ulnaris te beoordelen.
- Regio in het model
- Bovenste extremiteit