Bovenste extremiteit
Retinaculum extensorum en dorsale peesschedes van de pols (Compartimenten I t/m VI)
Retinaculum extensorum et vaginae tendinum musculorum extensorum carpi et digitorum
- Origo
- Lopen onder het retinaculum extensorum aan de dorsale zijde van radius, ulna en carpus
- Insertie
- Verdelen de strekpezen in 6 osteofibreuze compartimenten: I (APL + EPB), II (ECRL + ECRB), III (EPL rond Lister's tuberculum), IV (ED + EI), V (EDM), VI (ECU)
- Functie
- Het retinaculum extensorum houdt de strekpezen tegen het skelet; de synoviale peesschedes produceren synoviale vloeistof die wrijvingsloos glijden van alle strekpezen over de benige rugzijde van de pols mogelijk maakt
- Innervatie
- Nervus interosseus posterior (n. radialis C6–C8)
- Beweging & keten
- Begeleiden de strekpezen bij polsextensie, vingerstrekken en duimabductie
- Palpatie
- Compartiment I (tabatière anatomique) en compartiment III (Lister's tuberculum) zijn direct palpabel
- Klinisch
- Ziekte van De Quervain (peesschedeontsteking van compartiment I - APL en EPB, positieve Finkelstein test); EPL-peesruptuur (na radiusfractuur door frictie langs Lister's tuberculum); ECU-tendinitis / subluxatie in compartiment VI; intersection syndrome (wrijving compartiment I over II).
- Segmentale innervatie
- C6–C8
- In de zorgpraktijk
- Finkelstein test en Eichhoff test voor De Quervain, duimspalktherapie, ontstekingsremmende injecties en artroscopische/open decompressie
- Regio in het model
- Bovenste extremiteit