Romp (thorax, abdomen, rug)
Fascia clavipectoralis
Fascia clavipectoralis
- Origo
- Onderrand van de clavicula
- Insertie
- Versmelt lateraal met de axillaire fascie en vormt distaal het ligamentum suspensorium axillae, dat de huid van de oksel optrekt
- Functie
- Omhult en fixeert de m. subclavius en m. pectoralis minor, en vormt een doorgang voor vaten, zenuwen en de v. cephalica tussen de m. pectoralis major en de onderliggende structuren
- Innervatie
- Geen eigen motorische innervatie (bindweefselstructuur, geen contractiel weefsel)
- Beweging & keten
- Verbindt de clavicula mechanisch met de m. pectoralis minor en de okselbodem; ondersteunt de schoudergordel bij armbewegingen.
- Palpatie
- Diep gelegen in het trigonum clavipectorale (fossa van Mohrenheim) tussen clavicula en m. pectoralis minor; voelbaar als weerstand bij diepe palpatie.
- Klinisch
- Wordt geperforeerd door de v. cephalica, a. thoracoacromialis en n. pectoralis lateralis; belangrijk chirurgisch oriëntatiepunt bij borst- en okselchirurgie.
- Segmentale innervatie
- C5–C7 (nn. pectorales)
- In de zorgpraktijk
- Wondzorg na laparotomie/thoraxdrainage en observatie van buikwandspanning; ondersteunen van de buikwand bij hoesten ter voorkoming van wonddehiscentie.
- Regio in het model
- Romp (thorax, abdomen, rug)